Digitaal, duurzaam, dilemma’s…

Auteur Olaf Zwijnenburg

nov 14, 2023

Retail is topsport waarin ondernemers moeten inspelen op macro- en sectortrends door continu hun strategie aan te passen, te excelleren in de executie, slim te digitaliseren en te verduurzamen.

De retailsector heeft in de afgelopen vijf jaar evenveel disruptie ervaren als in de 20 jaar ervoor. Elke belangrijke stakeholder in de detailhandel (klanten, leveranciers, werknemers en investeerders) heeft drastische veranderingen doorgemaakt vanuit klantgedrag en verwachtingen, en dit alles tegelijkertijd. 

Deze combinatie van uitdagingen vereist in veel gevallen een grondige heroverweging van vaak diepgewortelde overtuigingen en werkwijzen. Voor ondernemers in de dynamische detail- en groothandel moeten digitalisering en duurzaamheid prioriteit krijgen om aan verwachtingen van consumenten en overige stakeholders te blijven voldoen. De toekomst van retail is de naadloze digitale integratie van online en offline commercie, waarbij de klant volledig centraal staat. De sleutel is de mobiele telefoon, de cruciale verbinding tussen beide werelden.

Innovatie is en blijft cruciaal om goed in te spelen op deze veranderingen. Bij Rabobank geloven we in de kracht van samenwerking. Vanuit onze coöperatieve mentaliteit zoeken we naar oplossingen waarvan iedereen beter wordt zodat ondernemers duurzaam kunnen groeien. Wij geloven in de noodzaak om innovatie, verduurzaming en digitalisering binnen het Nederlandse MKB aan te jagen en geven daarmee invulling aan onze maatschappelijke rol als coöperatieve bank.

Zowel digitalisering als duurzaamheid ondergaan snelle ontwikkelingen. Dit brengt grote uitdagingen met zich mee voor bedrijven, onderwijsinstellingen en overheden; om bij te blijven en effectief te reageren. Daarom helpen wij stakeholders bij het bevorderen van de onderlinge samenhang en synergie tussen de belangrijke transitiethema’s innovatie, digitalisering en duurzaamheid. De kernboodschap van dit rapport is dat de thema’s digitalisering en duurzaamheid van strategisch levensbelang zijn voor retailers. We beschrijven dilemma’s en kansen en benadrukken het belang van een ‘license to operate, het omgaan met dilemma’s, het focussen op de winst op lange termijn, het samenwerken met stakeholders en innovatie. Hiermee helpen wij organisaties naar een hoger niveau.

Management samenvatting

De hoofdpunten van dit rapport zijn samengevat:

  • Duurzaamheid als ‘license to operate’. Om nu én in de toekomst aan de verwachtingen van consumenten en overige stakeholders te kunnen blijven voldoen, moeten retailers duurzaamheid nadrukkelijk op de agenda zetten. Op die manier verkrijgen en behouden zij een ‘license to operate’. Bedrijven die duurzaamheid omarmen, kunnen niet alleen een positieve impact hebben op de wereld, maar ook op lange termijn winstgevendheid realiseren.
  • Dilemma’s rondom verduurzaming in relatie tot het verkopen van spullen. Het maken en verkopen van spullen in relatie tot duurzaamheid brengt complexe dilemma's met zich mee. Hierbij moeten bedrijven een evenwicht vinden tussen financiële belangen, ethiek en milieubehoud. Het navigeren tussen deze dilemma's vereist een proactieve benadering van duurzaam ondernemen en een verschuiving van kortetermijn- naar langetermijndenken.
  • Focus op winst op lange termijn. Het integreren van duurzaamheid in de kernwaarden van een bedrijf en streven naar winst op de lange termijn vereist een holistische benadering. Het gaat niet alleen om het verminderen van de milieu-impact, maar ook om het aannemen van een ethische en sociale verantwoordelijkheid. Het vereist betrokkenheid op alle niveaus van het bedrijf en samenwerking met belanghebbenden. Daarnaast moet er niet alleen naar financiele winst worden gekeken, maar is ook niet-financiele winst van belang.
  • Samenwerken. Bij de ontwikkeling van milieuvriendelijke productiemethoden en circulaire businessmodellen kom je samen verder. Door consumenten, overheidsinstanties en NGO's actief te betrekken kunnen duurzame oplossingen worden ontwikkeld die niet alleen ecologisch verantwoord zijn, maar ook breed worden gedragen in de samenleving. Daarnaast helpen deze om de transitie naar een duurzame en circulaire economie te bevorderen.
  • De verschuiving van offline naar online gaat weer versnellen. De strategie van (online)retailers moet veranderen van transactiegedreven naar klantgedreven ondernemen. Alleen zo kun je jezelf onderscheiden en wegblijven uit de keiharde concurrentie op prijs.
  • Innoveren is een must en geen ‘strategische optie’. Het is een absolute voorwaarde om te overleven en daarmee HET antwoord op de veranderingen in de sector. Een innovatiestrategie moet antwoord geven op drie vragen: waarom moeten we innoveren, wat moeten we innoveren en hoe doen we dat?

Duurzaamheid als ‘license to operate’

Consumenten vinden duurzaamheid belangrijk en verwachten van de partners waar zij zaken mee doen, waaronder retailers, dat die duurzaamheid serieus nemen. Ook verwachten zij dat spullen die zij kopen ‘veilig’ zijn. Het gaat daarbij niet alleen om productveiligheid maar ook zaken zoals de belasting op het milieu of het risico van kinderarbeid in het productieproces.

Daarnaast zijn er meer stakeholders die duurzaamheid belangrijk vinden zoals aandeelhouders, obligatiehouders, personeel, banken en leveranciers. Maar ook de rol van overheden moet niet worden vergeten. Zowel vanuit Den Haag als vanuit Brussel komt meer aandacht voor het verduurzamen van diverse ketens middels wet- en regelgeving. Letterlijk een ‘license to operate’ dus.

‘Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD): verplichte rapportage over de impact op mens en milieu’.

Om nu én in de toekomst aan verwachtingen van consumenten en andere stakeholders te kunnen blijven voldoen, moeten retailers duurzaamheid nadrukkelijk op de agenda zetten. Op die manier verkrijgen en behouden zij hun ‘license to operate’. Daaraan is ook de noodzaak tot het afleggen van verantwoording gekoppeld. Retailers moeten uitleggen welke doelstellingen zij hebben op het gebied van duurzaamheid, welke acties zij ondernemen en tot welke resultaten dat heeft geleid. Voor beursgenoteerde retailers is dit al langere tijd duidelijk. Verschillende stakeholders raadplegen de openbare verslagen van retailers en verwachten daarin het nodige over duurzaamheid aan te treffen. De komst van de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD) als nieuwe richtlijn tot het rapporteren over de impact op milieu, mens en bestuur (ESG) van een onderneming moet bedrijven helpen hier handen en voeten aan te geven. Ook zijn er veel niet-beursgenoteerde retailers die rapporteren over duurzaamheid. Dat is ook niet vreemd, want in de kern zijn er niet veel verschillen op dit gebied met beursgenoteerde bedrijven. Er zijn geen externe aandeelhouders, maar de overige kring van stakeholders is vrijwel gelijk en die willen allemaal graag weten hoe het met de duurzaamheid van de onderneming gesteld is.

Daarnaast gaat de CSRD dieper in op de milieu en mens impact van de keten: de 'scope 3’. Beursgenoteerde retailers moeten in kaart brengen wat de impact is van hun handelen door de keten heen. Dit legt niet alleen een verplichting op aan de grote retailers, maar ook aan alle toeleveranciers en producenten in die keten. Wanneer je als kleine(re) retailer of groothandelaar denkt dat bovenstaande geen impact op jouw toekomstbestendigheid gaat hebben, dan kom je wellicht bedrogen uit. Als je niet in staat bent de benodigde duurzaamheidsinformatie over de keten op te leveren, wordt je mogelijk buitenspel gezet door handelspartners die naar alle waarschijnlijkheid zullen overstappen naar partijen die hierin wel kunnen voorzien. Ook hiermee wordt duurzaamheid dus een ‘license to operate’.    

Dubbel gevoel

Duurzaamheid is een belangrijk thema voor retailers vanuit meerdere gezichtspunten, waaronder maatschappelijke verantwoordelijkheid, relaties met klanten of andere stakeholders en businesskansen. De vraag naar duurzaam ondernemen en duurzame producten neemt toe. Op basis van gesprekken met retailers en andere stakeholders in de sector ontstaat een wat dubbel gevoel rond het thema ‘duurzaamheid’.

Enerzijds zien we dat het belang van duurzaam ondernemen en duurzame producten steeds verder toeneemt. Consumenten worden zich steeds meer bewust van de betekenis van zaken als klimaat, het bewust omgaan met schaarse grondstoffen en goede arbeidsomstandigheden voor de mensen die onze producten maken. Deze trend zal nog verder doorzetten, gedreven door alle publiciteit rondom het thema, de rol die NGO’s hierbij spelen en de nieuwe generatie consumenten (‘generatie Z’) die duurzaamheid hoog op de agenda heeft staan. En ook al handelt die consument er nog niet altijd naar, het wiel is wel in gang gezet.

Anderzijds merken we dat vooral de zelfstandige en dus vaak kleinere retailers moeite hebben om een goed antwoord te bieden op het toenemend belang van duurzaamheid. Ten opzichte van winkelketens en grootwinkelbedrijven hebben zij het nadeel van minder beschikbare middelen, waaronder geld en managementaandacht. Daarbij leggen andere issues in de sector, waaronder digitalisering en de toenemende concurrentie, ook al beslag op deze schaarse middelen.

De grootste kans is een duurzamer productaanbod

Ondernemers in de dynamische detail- en groothandel kunnen op het gebied van verduurzaming van vastgoed, duurzaam verpakken en elektrificatie van logistiek en transport nog veel doen om te verduurzamen. Deze verduurzamingsinitiatieven juichen wij van harte toe. De investeringen zijn enerzijds beter voor het milieu en hebben daarnaast vaak een positieve uitwerking op de winstgevendheid doordat er op energiekosten bespaard kan worden.

‘Productie is veel vervuilender dan bezorging of aankoop’

De grootste milieuwinst is echter te behalen in de producten die verkocht worden. De grootste impact vanuit verduurzaming zit vooral in het overstappen op een duurzamer productaanbod. Alles bij elkaar is de productie van een product (upstream scope 3 emissies) veel vervuilender dan de bezorging of aankoop in de winkel ervan. Maar ook het gebruik van producten (downstream scope 3 emissies) gaat gepaard met vervuiling. Zo heeft bijvoorbeeld de ‘National Retail Federation[i]’ in 2021 becijferd dat deze indirecte emissies goed zijn voor ~90-98% van de uitstoot in de retailketen. Een percentage dat ook door McKinsey[ii] in 2022 nog eens wordt bevestigd voor de sectoren ‘home’ en ‘fashion’.

Voor consumenten geldt: duurzamer is vooral minder kopen of tweedehands kopen. Als je als consument toch iets koopt, koop dan bewust producten die langer meegaan, repareer producten in plaats van weg te gooien en kijk, wanneer het product het einde van de levenscyclus nadert, hoe deze het beste kan worden verwerkt met oog op recycling.

[i] NRF | Retailers set science-based targets to address climate change

[ii] Climate sustainability in retail | McKinsey

 

Dilemma’s rondom verduurzaming in relatie tot het verkopen van spullen

Het maken en verkopen van producten in relatie tot duurzaamheid brengt talrijke dilemma's met zich mee, aangezien bedrijven geconfronteerd worden met de uitdaging om winst te maken zonder de planeet en haar hulpbronnen uit te putten.

Deze dilemma's omvatten economische overwegingen, milieukwesties en ethische afwegingen.

Bedrijven moeten zich heel bewust zijn van de langetermijneffecten van hun beslissingen. Dit betekent dat ze soms moeten afzien van kortetermijnwinsten als deze duurzaamheid op langere termijn in gevaar brengen. Investeerders en financiers moeten worden overtuigd van het belang van langetermijnwaardecreatie en aangemoedigd om duurzaamheid te ondersteunen in plaats van zich blind te staren op korte termijn financiële winsten.

Dit kan door innovaties worden gestimuleerd, zoals door de ontwikkeling van milieuvriendelijke productiemethoden en circulaire businessmodellen. Het betrekken van belanghebbenden, waaronder consumenten, overheidsinstanties en non-gouvernementele organisaties, is ook essentieel om tot breed gedragen oplossingen te komen.

Economische belangen

Een centraal dilemma voor ondernemers is de spanning tussen winstmaximalisatie en milieubehoud. Bedrijven worden vaak gedreven door de drang hun marges te vergroten en winst te maken, wat kan resulteren in kortetermijnbeslissingen die de duurzaamheid op langere termijn schaden. Zo kunnen goedkopere grondstoffen en productiemethoden aantrekkelijk lijken vanuit financieel oogpunt, maar leiden tot uitputting van natuurlijke hulpbronnen en schade aan het milieu. De uitdaging hier is hoe bedrijven duurzaamheid in hun bedrijfsmodel kunnen integreren zonder hun financiële doelen uit het oog te verliezen.

Een specifiek dilemma dat voortkomt uit de globalisering is het transport van goederen over lange afstanden. Hoewel wereldwijde supply chains efficiënt kunnen zijn, dragen ze bij aan vervuiling en uitstoot van broeikasgassen. Bedrijven staan voor de uitdaging om te beslissen of zich te focussen op lokale productie en hun ecologische voetafdruk te verminderen, zelfs als dat kan leiden tot hogere kosten en minder efficiënte processen. Dit illustreert het dilemma tussen globalisering en milieubehoud.

Bedrijven worden geconfronteerd met de keuze om duurzamere producten en processen te ontwikkelen, wat initieel vaak gepaard gaat met hogere kosten, of om vast te houden aan traditionele productiemethoden die wellicht goedkoper zijn maar minder duurzaam.

Levensduur

Daarnaast is er een ethisch dilemma rondom de levensduur van producten. In onze op consumptie gerichte samenleving is de levensduur van producten soms bewust beperkt zodat consumenten sneller upgraden of producten vervangen. Dit stimuleert echter de overconsumptie en draagt bij aan afvalproblemen. Bedrijven moeten beslissen of ze willen bijdragen aan deze wegwerpmaatschappij of dat ze zich willen inzetten voor duurzame producten met een langere levensduur en mogelijkheden tot bijvoorbeeld reparatie of delen.

De R-ladder

Een mooie basis voor inzicht in de gradaties van duurzaamheid is de R-ladder. Recyclen is niet de ‘holy grail’ en geeft een veel lagere milieuwinst dan het 1-op-1 hergebruiken van een product. Hoe hoger de plek op de R-ladder, hoe lager het grondstofgebruik.

De ladder begint met R0: Refuse. In deze start wordt dus compleet afgezien van de aankoop, product en het gebruik. Deze stap is vooral gericht op gedrag en de vraag of je de aankoop of aanschaf wel echt nodig hebt. Door namelijk iets niet te kopen of maken, bespaar je de meeste materialen en is het winnen van nieuwe grondstoffen helemaal niet nodig. De stap hierna is Rethink (R1) en Reduce (R2), ofwel het verminderen van consumptie en productie en het slimmer maken en gebruiken van producten. Dit kan bijvoorbeeld door het intensiever gebruiken van producten door te delen of het effectiever produceren van goederen. Re-use (R3 en R4), ofwel het verlengen van de levensduur van producten en onderdelen staat in het midden. Recycling (R5), ofwel het nuttig toepassen van materialen die anders gestort zouden worden staat onderaan. Dan tot slot: Recover (R6) waarbij het draait om het terugwinnen van energie uit materialen.

  • R0&R1. Refuse en Rethink (afwijzen en heroverwegen): Zie af van producten of materialen die je eigenlijk niet nodig hebt. Maak producten overbodig door van de functie af te zien, of lever een radicaal ander product. Intensiveer productgebruik. Bijvoorbeeld stoppen met verpakken in plastics of een deelplatform voor vervoersmiddelen.
  • R2. Reduce (verminderen): Fabriceer producten efficiënter en verbruik minder grondstoffen tijdens productie en gebruik. Bijvoorbeeld waterbesparende machines die veel minder verbruiken tijden productieprocesses.
  • R3. Re-use (hergebruiken): Hergebruik nog goed product, in dezelfde functie door andere gebruiker. Ontwerp voor een langere levensduur. Er zijn diverse platforms die gebruikte producten een tweede leven geven. Een voorbeeld is tweedehandskleding of meubulair.
  • R4. Repair, Refurbish, Remanufacture en Repurpose (repareren, opknappen, reviseren en hergebruiken): Reparareer en onderhoud kapot product voor gebruik in de oude functie. Verleng zo de levensduur. Knap op en/of moderniseer oud product. Maak nieuwe producten van oude. Gebruik onderdelen van afgedankt product in nieuw product. Hier zijn voorbeelden: Repair Café voor electra, refurbishen van telefoons of het maken van tafels van resthout van de bouwplaats.
  • R5. Recycling: Verwerk materialen tot grondstoffen met dezelfde (hoogwaardige) of mindere (laagwaardige) kwaliteit dan de oorspronkelijke grondstof. Denk aan het verwerken en hergebruiken van grondstoffen en reststromen of afval. Ook het terugwinnen van energie uit materialen hoort hierbij. Voorbeelden van deze R-stap zijn een gemeente die wormhotels maakt van GFT-afval of een afvalcentrale die reststromen verbrandt en dit gebruikt om huizen te verwarmen.
  • R6. Recover (terugwinnen): Verbrand materialen met energieterugwinning. In een circulaire economie komen zo min mogelijk materialen bij deze stap terecht.

Focus op winst op lange termijn

Het oplossen van bovenstaande dilemma's vereist een holistische benadering. Bedrijven moeten duurzaamheid integreren in hun kernwaarden, waarbij ze streven naar winst op de lange termijn in plaats van snelle winst op korte termijn. Dit proces omvat de volgende elementen.

Het herdefiniëren van de bedrijfscultuur

Allereerst moeten bedrijven hun kernwaarden opnieuw evalueren en duurzaamheid integreren in hun missie. Dit betekent dat duurzaamheid niet slechts een bijkomend aspect is, maar een centraal uitgangspunt wordt bij het nemen van alle beslissingen.

De missie moet duidelijk aangeven dat het bedrijf zich inzet voor het leveren van waarde aan de samenleving, het milieu en de aandeelhouders op de lange termijn.

Het aannemen van een nieuwe duurzaamheidsstrategie

Vervolgens moeten bedrijven een duurzaamheidsstrategie ontwikkelen die in lijn is met hun kernwaarden en missie. Dit omvat het identificeren van duurzaamheidsdoelstellingen en het vaststellen van meetbare doelen om deze te bereiken. Bedrijven moeten rekening houden met de gehele levenscyclus van hun producten en diensten, van grondstoffen tot productie, distributie, (eind)gebruik en uiteindelijk recycling of verwijdering.

Een belangrijke stap in het integreren van duurzaamheid is het opbouwen van een cultuur van verantwoordelijkheid binnen het bedrijf. Dit vereist betrokkenheid op alle niveaus, van het topmanagement tot de werknemers op de werkvloer. Training en bewustwording zijn essentieel om ervoor te zorgen dat alle medewerkers begrijpen hoe ze kunnen bijdragen aan duurzaamheid en wat de invloed van hun werk is op de duurzaamheidsdoelstellingen van het bedrijf. Beloningen en erkenning kunnen ook worden gebruikt om duurzaam gedrag te stimuleren.

Daarnaast moeten bedrijven samenwerken met belanghebbenden, waaronder klanten, leveranciers, regelgevende instanties en maatschappelijke organisaties, om duurzaamheid te bevorderen. Open communicatie en betrokkenheid van belanghebbenden zijn cruciaal om de verwachtingen van de samenleving te begrijpen en te voldoen aan regelgevende vereisten. Samenwerking kan ook leiden tot nieuwe zakelijke kansen en innovatieve oplossingen.

Het nemen van verantwoordelijkheid voor de impact van het bedrijf op samenleving en milieu

Een ander belangrijk aspect van duurzaamheid is het verminderen van de milieu-impact van het bedrijf. Bedrijven kunnen investeren in energie-efficiëntie, hernieuwbare energiebronnen en milieuvriendelijke(re) productieprocessen. Ze kunnen ook streven naar verminderd waterverbruik, minimaliseren van afval en recycling stimuleren. Het verminderen van de ecologische voetafdruk kan niet alleen bijdragen aan duurzaamheid, maar ook kostenbesparingen opleveren op de lange termijn.

Naast milieuvriendelijke praktijken moeten bedrijven ook ethische en sociale verantwoordelijkheid nemen. Dit omvat het waarborgen van eerlijke arbeidsomstandigheden in de toeleveringsketen, het ondersteunen van diversiteit en inclusie op de werkplek en het bijdragen aan de gemeenschappen waarin ze actief zijn. Bedrijven kunnen daarnaast filantropische inspanningen ondersteunen en vrijwilligerswerk aanmoedigen onder hun werknemers.

Meten is weten

Het meten en rapporteren van duurzaamheidsprestaties is essentieel om de voortgang te volgen en verantwoording af te leggen aan belanghebbenden. Bedrijven moeten duidelijke indicatoren (KPI's) vaststellen om hun impact op het milieu en de samenleving te meten, en deze gegevens regelmatig delen in duurzaamheidsrapporten.

Samen kom je verder

De ontwikkeling van milieuvriendelijke productiemethoden en circulaire businessmodellen vereist een holistische benadering waarbij belanghebbenden, waaronder consumenten, overheidsinstanties en non-gouvernementele organisaties (NGO's), actief betrokken zijn. Een breed gedragen oplossing komt voort uit een gezamenlijke inspanning en begrip van alle betrokken partijen in het streven naar duurzame productiemethoden en circulaire businessmodellen.

‘Dé consument bestaat niet’

Om als maatschappij te verduurzamen is uiteraard een belangrijke rol weggelegd voor de consument. En hoewel de consument, zeker in economisch onzekere tijden, andere factoren zoals prijs en kwaliteit belangrijker vindt in het aankoopproces, zien wij wel een belang in het bewust maken van consumenten van de milieueffecten van producten en productiemethoden. Voorlichtingscampagnes, educatieve programma's en bewustmakingsinitiatieven kunnen worden ingezet om consumenten te informeren over duurzame keuzes en de voordelen van een circulaire economie. Bedrijven kunnen labels en keurmerken introduceren of gebruiken die de milieuprestaties van producten aangeven, waardoor consumenten beter geïnformeerde keuzes kunnen maken. Of er kunnen duidelijke(re) instructies meegeven worden over hoe producten het beste onderhouden kunnen worden om zo lang mogelijk mee te gaan. Ook het informeren over de mogelijkheden richting het einde van de productlevenscyclus is een manier om de consument te helpen bewustere keuzes te maken. Zowel bij aankoop als bij gebruik ervan. Bovendien kunnen bedrijven samenwerken met consumentenorganisaties om feedback te verzamelen en hun inspanningen voortdurend te verbeteren op basis van de behoeften en verwachtingen van consumenten.

De rol van consumenten is dus evident. Tegelijkertijd bestaat ‘de consument’ niet. Om jarenlange diepgeworteld consumptiegedrag, vanuit een veelvoud aan verschillende koopmotivaties, in een maatschappij te veranderen is meer nodig dan alleen voorlichting. Daar spelen overheidsinstanties een cruciale rol in door het creëren van beleidskaders die duurzame praktijken aanmoedigen en ondersteunen. Het opstellen van regelgeving om duurzame productie te bevorderen en het bieden van stimulansen, zoals belastingvoordelen en subsidies voor milieuvriendelijke bedrijven, zijn effectieve manieren om de particuliere sector te motiveren om duurzame praktijken te omarmen. Het betrekken van overheidsinstanties bij discussies en onderhandelingen met betrekking tot milieubeleid is essentieel om ervoor te zorgen dat de regelgeving in lijn is met zowel economische als ecologische en sociale doelstellingen. Op die manier wordt het bedrijfsleven verder aangemoedigd tot het verduurzamen van het aanbod terwijl de consument wordt geholpen in het maken van duurzamere keuzes.

Door middel van publiek-private partnerschappen kunnen ondernemers ook samenwerken met NGO's om gezamenlijke doelen te stellen en duurzame oplossingen te implementeren. NGO's spelen vaak een rol als bruggenbouwers tussen de samenleving en de private sector. Ze hebben de mogelijkheid om zowel consumenten als bedrijven bewust te maken van milieukwesties en druk uit te oefenen op bedrijven om duurzame praktijken te omarmen. NGO's kunnen betrokken worden bij rondetafelgesprekken, beleidsvormingsprocessen en initiatieven voor maatschappelijk verantwoord ondernemen en ervoor te zorgen dat milieubelangen worden vertegenwoordigd en geïntegreerd in bedrijfsbeslissingen. Door samen te werken met bedrijven en overheden kunnen NGO's een cruciale rol spelen bij het bevorderen van duurzaamheid op verschillende niveaus.

Het betrekken van alle belanghebbenden bij de ontwikkeling van milieuvriendelijke productiemethoden en circulaire economiemodellen vereist open communicatie, transparantie en wederzijds begrip. Rondetafelgesprekken, conferenties en platforms voor samenwerking kunnen worden gecreëerd om een gemeenschappelijke basis te leggen voor het verkennen van duurzame oplossingen. Door het delen van kennis, ervaringen en middelen kunnen belanghebbenden gezamenlijk werken aan innovatieve benaderingen die de overgang naar een duurzamere toekomst bevorderen.

De verschuiving van offline naar online gaat weer versnellen

Nieuwe technologieën en online businessmodellen zorgen voor nog meer gemak en een verdere shift van offline naar online. Vooral omdat Online winkelen steeds sneller, gemakkelijker, aantrekkelijker en persoonlijker wordt, terwijl veel fysieke winkels en winkelgebieden hier onvoldoende toegevoegde waarde tegenover zetten. De taart moet dus over steeds meer partijen worden verdeeld, waardoor het voor fysieke winkels per definitie moeilijker is geworden om succesvol te zijn in deze verdringingsmarkt. Daarnaast blijft het aantal consumenten toenemen als gevolg van de bevolkingsgroei en is elke nieuwe generatie meer ‘internetrijp’ dan de vorige – al zullen er daarbij wel verschillen zijn per (sub)sector.

Let wel: er is en blijft toekomst voor de fysieke winkel. Het omzetaandeel ervan blijft dominant maar er moet heel wat gebeuren om winkels en winkelgebieden relevanter en aantrekkelijker te maken en te houden.

Elke nieuwe generatie shoppers is meer ‘internetrijp’ dan de vorige

‘Fysieke winkels boeken steeds moeilijker succes in deze verdringingsmarkt’

Jarenlang groeide de onlineverkoop in non-food retail harder dan de bestedingen in fysieke winkels. De coronapandemie bracht dat in een versnelling. Ook consumenten die nog niet of nauwelijks via het web shopten, werden gedurende de lockdowns min of meer gedwongen hun eerste stappen online te zetten. De groei van het online omzetaandeel ging door het dak en was in 2020 het hoogst ooit gemeten (CBS: +43,5 procent) en ook in 2021 nog heel fors (bijna 24 procent). Over een wat langere periode bezien is de enorme groei van online heel duidelijk. De index internetverkopen 2015-2022 is 329,3 procent, terwijl de index totaalomzet non-food in diezelfde periode 123,9 procent bedraagt. Zowel multichannel retailers als pureplayers laten een jaar-op-jaar omzetgroei zien in de dubbele cijfers. De combinatie van gemak en prijstransparantie zorgt echter voor structureel veranderend consumentengedrag. En in een markt die slechts beperkt groeit, is verschuiving van offline naar online per definitie slecht nieuws voor fysieke retail.

Een digitale strategie is noodzaak

Het is een feit dat veel snelgroeiende e-commerce bedrijven verlieslatend zijn. Dat betekent echter niet dat e-commerce geen kasstroom genereren of niet toekomstbestendig kan zijn. Veel consumenten maakt het daarnaast helemaal niet uit of het bedrijf waar gekocht wordt, online of offline, winstgevend is of niet. De consument is niet perfect rationeel en acteert vooral vanuit de eigen behoefte. Als ondernemer heeft het dus geen zin om onlineconcurrentie als oneerlijk te bestempelen. Ook de gedachte dat er niets aan de hand is ‘omdat er toch geen geld wordt verdiend’ kan schadelijk zijn en leiden tot een misplaatst gevoel van veiligheid. Je moet slim en creatief te werk gaan. Zeker zolang bedrijven gebruik kunnen maken van externe investeerders die grote bedragen aan durfkapitaal investeren om groei aan te jagen.

Maar de lat ligt steeds hoger

E-commerce is ‘here to stay’ maar moet zich blijven ontwikkelen. Een succesvolle overgang naar het volgende niveau vereist dat retailmerken de klant compleet centraal stellen en moeten daarbij een aantal moeilijke keuzes maken. Succesvolle bedrijven worden onmisbaar voor hun klanten door digitaal ervaringen te bieden met een bredere reeks oplossingen in plaats van alleen een simpele basistransactie. Om die visie waar te maken moeten retailers digitaal gedreven handel centraal stellen in hun organisatie en ervaringen organiseren die voldoen aan de steeds hogere verwachtingen van consumenten.

De strategie van (online)retailers moet veranderen van transactiegedreven naar klantgedreven ondernemen. Alleen zo kun je jezelf onderscheiden en wegblijven uit de keiharde concurrentie op prijs. Helaas vermijden nog steeds veel spelers de moeilijke keuzes, waardoor ze hun volledige potentie niet bereiken. Oorzaken zijn vaak interne politiek, angst voor kanaalconflicten en grote hiaten in interne capaciteiten, kennis en het ontbreken van een toekomstbestendig IT-fundament. Veel directieteams binnen fysieke retail blijven hangen in een focus op e-commerce als ‘add-on’ op de oude fysieke kern. Vaak gedreven vanuit een korte termijn visie met oog op winstgevendheid. Deze achterhaalde benadering is toe aan een serieuze upgrade vanuit een kernvisie die erop gericht is écht onmisbaar te worden voor de klant.

Aanpassen businessmodellen is en blijft key

De belangrijkste uitdaging voor retailers is om hun businessmodel aan te passen aan de nieuwe werkelijkheid in de sector. Faillissementen en winkelsluitingen tonen aan dat niet iedereen de noodzakelijke aanpassingen van het businessmodel succesvol kunnen volbrengen.

Een innovatieve mindset is van cruciaal belang voor bedrijven in de detailhandel en groothandel om concurrerend te blijven, klanten tevreden te stellen en te groeien in een steeds veranderende zakelijke omgeving. Het stelt hen in staat om kansen te benutten, kosten te besparen en duurzamer te opereren.

Innovatie is hét antwoord van de sector op de veranderingen

‘Innovatie is geen keuze maar noodzaak in de snel veranderende retailwereld’

Een innovatiestrategie moet antwoord geven op drie vragen: waarom moeten we innoveren, wat moeten we innoveren en hoe doen we dat. Het ‘waarom’ is duidelijk. Innovatie is essentieel om aan steeds hogere klantverwachtingen te voldoen, het hoofd te bieden aan toenemende concurrentie en om je te onderscheiden van concurrentie waardoor consumentenrelevantie wordt vergroot. Het verbeteren en optimaliseren van de consumentenreis is het enige goede uitgangspunt voor ieder innovatieplan. Alle retailers moeten in alle fasen van hun levenscyclus blijven innoveren. Daarmee is innovatie geen ‘strategische optie’ meer, maar een absolute voorwaarde om te overleven.

Vanwege de snel veranderende marktomstandigheden, technologische vooruitgang en de toenemende markttransparantie dankzij het internet, is de consument veeleisender dan ooit tevoren. Innovatie is niet langer een keuze, maar een absolute vereiste om de loyaliteit van deze consument te behouden. Als het gaat om het 'wat' gedeelte van de strategie, is het essentieel om te focussen op het verbeteren en vereenvoudigen van de klantreis. De winnaars in de concurrentiestrijd om de gunst van de consument zullen de leiders in hun branche zijn. Daarom is het van cruciaal belang om de klant centraal te stellen bij het opstellen van de 'innovatieagenda'. Hoewel innovatie op andere gebieden, zoals het optimaliseren van de efficiëntie van de winkeloperatie, waardevol is, is voortdurende verbetering van de klantreis een absolute noodzaak.

Veel retailers hebben moeite met het ‘hoe’: hoe zorg je dat de noodzakelijke vernieuwing daadwerkelijk plaatsvindt en hoe organiseer en implementeer je noodzakelijke vernieuwingen in het bedrijfsmodel en de operationele processen? Elk bedrijf heeft unieke uitdagingen en kansen. Een flexibele en klantgerichte benadering is essentieel om ervoor te zorgen dat de noodzakelijke vernieuwingen daadwerkelijk plaatsvinden en je succesvol kan zijn in de dynamische retailsector.  De sleutel tot succes ligt vaak in een combinatie van strategische planning, organisatorische aanpassingen en een flexibele aanpak.

Enkele tips die kunnen helpen bij het aanpakken van de uitdagingen

  • Start met het in kaart brengen van je bestaande businessmodel door middel van bijvoorbeeld het ‘Business Model Canvas’. Idealiter samen met je personeel, stakeholders en klanten. Dit helpt je in kaart te brengen waar je toevoegde waarde ligt, waar deze verbetert kan worden en welke innovaties er nodig zijn om daar te komen.
  • Zorg voor voldoende budget en middelen voor de gewenste innovatie-inspanningen. Innovatie vereist investeringen en inzet. Wees bereid om risico's te nemen, maar beheer deze goed.
  • Definieer een duidelijke visie voor de toekomst van je bedrijf. Wat wil je bereiken met de vernieuwing? Hoe moet de toekomstige klantbeleving eruitzien? Deze visie is de leidraad voor alle verdere stappen.
  • Gebruik gegevensanalyse en klantinzichten om te begrijpen wat uw klanten willen en hoe hun behoeften veranderen. Dit zal helpen bij het identificeren van gewenste verbeteringen.
  • Overweeg investeringen in e-commerceplatforms, geavanceerde data-analysetools, automatisering en AI om de efficiëntie te verbeteren en klantgerichte oplossingen te bieden.
  • Geef aandacht aan de interne structuur en cultuur van de organisatie en zorg ervoor dat medewerkers bewust en betrokken zijn bij de vernieuwingsinspanningen.
  • Blijf in nauw contact met klanten en medewerkers om feedback te verzamelen en te evalueren. Pas eventueel strategie en tactieken aan op basis van de feedback. Innovatie is een doorlopend proces. Blijf continu zoeken naar manieren om te verbeteren en aan te passen aan de veranderende marktomstandigheden.

Rabobank als partner van VEDIS

VEDIS New Retail Champion

Rabobank is partner van retailvereniging VEDIS voor de ‘VEDIS New Retail Champion’. Tijdens dit jaarlijkse evenement wordt een prijs uitgereikt aan het meest innovatieve retailconcept. Rabobank maakt hiervoor een rapport inclusief een kort profiel van de genomineerde kandidaten voor deze prestigieuze prijs. Hierin worden enkele inzichten gekoppeld aan het thema innovatie. Uit bijna 60 kandidaten wordt door een vakjury drie concepten geselecteerd die mogen komen pitchen. Daaruit volgt een winnaar die tijdens het jaarlijkse ‘VEDIS New Retail Champion’-event wordt gekozen door de leden, ervaren retailers en experts en reeds gevestigde merken opvolgt als: HelloFresh, Crisp, MR MARVIS en World of Nix - De Alcoholvrije Slijterij van Nederland.

Profiel kandidaten voor VEDIS New Retail Champion Award 2023

Er zijn ook dit jaar weer bijna 60 kandidaten aangedragen voor de VEDIS New Retail Champion Award. De jury heeft voor de award van 2023 vanuit deze kandidaten allereerst een short list van 10 aansprekende concepten geselecteerd en deze uitgebreid besproken. Vervolgens zijn uit die kortere lijst, die verder bestond uit Bamboozy, Health goodwill, Toddy, REFLOWER, Whoppah, Cloudpillo en PRAZ, uiteindelijk de drie genomineerde kandidaten voor de VEDIS New Retail Champion Award 2023 geselecteerd. Hieronder een kort profiel van deze kandidaten in volstrekt willekeurige volgorde.

BABOON

Suzanne van der Pluijm en Danique Wiltink zijn BABOON 'NO MORE BORING KITCHENS’ gestart vanuit het idee dat het kopen van een keuken leuker, goedkoper, transparanter, creatiever en duurzamer moet kunnen dan ze zelf hadden ervaren. BABOON helpt met het ontwerp van je droomkeuken op basis van de modulaire elementen van IKEA en geeft die een Pinterestproof make-over vanuit een eigen collectie high-end keukenfronten en werkbladen. De kracht ligt in persoonlijk advies. De consument maakt samen met de BABOON-designer een 3D-ontwerp en gaat vervolgens naar IKEA om de binnenkant van de keuken te bestellen. BABOON gaat hierna aan de slag met de productie van de fronten. Deze worden lokaal in Nederland geproduceerd om transportkosten en de bijbehorende vervuiling te verlagen. De klant regelt zelf de installatie en krijgt uiteindelijk een échte one-of-a-kind design keuken die een stuk toegankelijker is dan de weg naar een meubelmaker. Groot voordeel is dat de keuken  - indien gewenst - eenvoudig aangepast kan worden aan een nieuwe bewoner met een andere smaak, zonder de hele keuken weg te hoeven gooien. GIBBON is het trotse E-commerce zusje van BABOON waar je zelf, eenvoudig keukenfronten op alle standaard IKEA maten kan bestellen vanuit de collectie in kleuren die elk jaar met het design-team van BABOON worden samengesteld. Het concept is recent uitgebreid met BABOON MARKET waar lokale ondernemers keukengerelateerde producten kunnen aanbieden in de ontwerpstudio waardoor klanten vaker dan eens per tien jaar een reden hebben om langs te komen. In de pijplijn: BABOON Bathrooms. Een identiek concept maar dan met badkamers.

BikeFlip

Ooit (mede) door Cas Beyer gestart als een ‘fictieve’ startup voor een studieopdracht en inmiddels is BikeFlip uitgegroeid tot een serieuze startup met grote ambities. Dit deelt Cas samen met zijn compagnon Paul Remie. BikeFlip is een circulaire en sociale onderneming met abonnementen voor refurbished kinderfietsen die het bedrijf zelf opknapt in hun eigen sociale werkplaats.  Bijna iedere ouder heeft het wel meegemaakt; je koopt een kinderfiets die precies past bij je kind (of misschien zelfs wel op de groei is gekocht) maar binnen een jaar blijkt je kind de fiets te zijn ontgroeid. Volgens BikeFlip staan er 3,8 miljoen fietsen ongebruikt in schuurtjes en groeit een kind er gemiddeld elk jaar weer uit. BikeFlip wil hierin de oplossing bieden. In plaats van ieder(e paar) jaar een nieuwe fiets aan te schaffen, kunnen ouders de fietsen omwisselen. Een ‘bikeflip’ dus. In tegenstelling tot andere fietsaanbieders onderscheidt BikeFlip zich door alleen gebruikte fietsen aan te bieden. Daarnaast bespaart BikeFlip door fietsen te hergebruiken en te upcyclen naar eigen zeggen 100kg CO² per refurbished fiets. De fietsen komen onder andere van depots, kringloopwinkels of donaties. Daarnaast zijn ze een inzamelpunt voor het ANWB Kinderfietsenplan. Intussen telt het bedrijf twee vestigingen: een in Utrecht en een in Amsterdam. Het bedrijf heeft inmiddels al meer dan 5000 fietsen ge-upcycled.

95Percent

Daan Engelen komt uit de bekende schoenfamilie achter Engelen Schoenen en is de oprichter van 95percent: een kans op een nieuw leven voor schoenen die voor retailers onverkoopbaar zijn. Als lid van de familie kwam hij regelmatig over de vloer in de winkels en magazijnen. Wat hem opviel was de grote stapel schoenen met het predicaat ‘onparen’. Dat zijn paren waar de linker- en de rechterschoen niet dezelfde maat hebben. Samen met allerhande retouren zowel grote als kleine gebreken kwamen die schoenen terecht op een hoge defect-stapel. En dit probleem speelde bij veel meer retailers. 95Percent ontzorgt de leverende schoenenwinkelketens en merken door de schoenen voor een afgesproken prijs op te halen, via een schoenmakerij te controleren en aan te passen of te repareren, te fotograferen en online of via de winkel aan te bieden. Niet alle schoenen krijgen een tweede leven. Wel worden de afvallers gered van de afvalberg door ze in samenwerking met Fast Feet Grinded te recyclen. Ondertussen zijn ruim 20 retailketens en 5 schoenmakers aangesloten bij 95Percent en is de eerste fysieke winkel geopend in Amersfoort.

Voeg een opmerking toe

beschermd met reCAPTCHA Privacy - Voorwaarden
Annuleren